,,Schorriemorrie, wat is dat nou weer”, sprak het meisje verbaasd. Dat wist het roodharige jongetje ook niet. Er stond kippenvel op zijn magere witte benen, terwijl hij stond te loeren naar de vluchtelingen, die uit een witte bus stapten om vervolgens de noodopvang in het Belastingkantoor binnen te gaan. Ik was er ook, op de e-bike, om ze welkom te heten in onze tolerante stad op de biblebelt.