
Ode aan… De Clubman
8 juni 2024 om 14:16 Column Ode aan...Het voetbalseizoen loopt weer ten einde. Je kunt er de klok bijna op gelijkzetten. Het mooie weer begint, dus bergt heel voetbalminnend Nederland de kicksen (voetbalschoenen voor de jeugdige lezers) en de zure voetbaltas achter het knieschot. Wanneer de mussen dood van het dak vallen van de hitte, dan weet je dat de voorbereiding gaat beginnen. Als het meezit, begint deze in augustus. Speel je op een redelijk niveau of heb je een overambitieuze trainer in de kelderklasse, dan mag je in juli al verschijnen om rondjes linksom (let op! nooit rechtsom) te gaan stiefelen op die heerlijk versgemaaide kunstgrasmatten.
Maar voordat het zo ver is, vindt eerst de traditionele transfercarrousel plaats. Tot 15 juni hebben spelers en clubs de tijd om elkaar te verleiden middels een slechte paringsdans. Een mooi verhaal, drie gevulde koeken, twee AA’tjes en wellicht een tientje per maand kunnen tegenwoordig al een speler doen besluiten om een transfer te maken naar een andere club. Om vervolgens op elke verjaardag of andere gelegenheid trots te verkondigen dat ze overal zijn geweest om te praten vanwege de ruime interesse. Reikhalzend kijken ze uit naar wedstrijden zoals, met alle respect, een Tricht of Altena of een andere nietszeggende tegenstander. Zo lang je naam maar online in het nieuws genoemd wordt, lijkt de missie op voorhand al geslaagd. Waarschijnlijk spelen ze het hele seizoen geen enkele minuut, maar hun oude cluppie zit met de gebakken peren. Voetbalnomaden in overvloed tegenwoordig.
Echte clubspelers zie je nog zelden. Recent nam GJS-coryfee Ruud Bos afscheid van het eerste elftal. De spits die, gevoelsmatig, Napoleon en Alexander de Grote nog als teamgenoten heeft gehad, wist het 26 seizoenen vol te houden in de Dalemse hoofdmacht. Een unicum!
Nu ken ik Ruud een beetje en weet dat de aanbiedingen die hij heeft gekregen, niet op twee handen en twee voeten te tellen zijn. Waarom dan nooit de stap hogerop gemaakt, denk je dan? Nederigheid en misschien toch een klein beetje, onterecht, gebrek aan zelfvertrouwen en uiteraard clubliefde, deden hem besluiten in Dalem te blijven. Koesteren wat je hebt en vooral niet naast je schoenen lopen, is hetgeen wat deze clubman typeert.
Spelers die naast hun schoenen lopen, kunnen nooit beter zijn dan spelers die wel stevig in hun voetbalschoenen staan. Maar dat is in principe logisch…
Ik gun iedere club een bos vol Ruudjes!
Sören van Rooij














